Schokbeton
Na de Tweede Wereldoorlog was er grote schaarste aan bouwmaterialen, werkkrachten en doorontwikkelde bouwtechniek. Het was snel duidelijk dat voor de bebouwing van de IJsselmeerpolders gebruik zou worden gemaakt van seriebouw. Geprefabriceerd bouwmateriaal leende zich hier goed voor en schokbeton, dat ontstond door in mallen gegoten beton schoksgewijs te schudden, was er een voorbeeld van. Door het schokken verdwenen luchtbellen en hardde het beton verder in, met lichtere en gladdere betonelementen als resultaat. De opbouw van een schokbetonschuur was in een team van zes á zeven man mogelijk binnen drie dagen en kostte vijf procent minder dan een schuur met gemetselde wanden. Vijf schuren per week werden zo gerealiseerd.
De schokbetonschuren
Schokbetonschuren bestaan uit gemiddeld 180 betonelementen die de voor-, achter- en zijgevels van de schuren vormen. Aanvankelijk waren in de nokken voor en achter sierlijk opengewerkte windgaten gemaakt om de winddruk op te vangen. Deze zijn in de Dronter schuren vervangen door een houten geveltop. Ook waren in Dronten de ramen kleiner en niet meer onderverdeeld. In de zijgevel van de schuur bevonden zich de hoge dubbele deeldeuren, oorspronkelijk groen van kleur. Het dak werd eerst op houten, later op betonnen spanten bevestigd. Op de spanten werden rietmatten aangebracht en de afwerking bestond veelal uit rode dakpannen, gunstiger geprijsd dan blauwe. Dronter schuren konden, vanwege de oplopende nood tot besparing, ook een cementplaten dak hebben.
Vanaf de eerste bouw in april 1949 zijn de schuren doorontwikkeld in drie types. De betonelementen zijn pas vanaf type 2 met de holle kant, de zgn. ‘cassettekant’, naar buiten gedraaid, waardoor het plastische, karakteristieke rasterpatroon ontstond. Type 3 heeft in plaats van houten dakspanten overwegend betonnen spanten. De eerste 83 schuren in Oostelijk Flevoland waren veelal voor akkerbouw en fruitteelt en, net als de laatste serie in de Noordoostpolder, van type 3 subtype PF. Zij hadden de houten geveltop, een dakhelling van 40 graden en een dubbele deur. In 1962 en 1963 werd uit besparingsoogpunt het flink verkleinde subtype PG ontworpen, in de volksmond ‘ministerschuurtje’ geheten, omdat deze bezuinigingsmaatregel door de minister was opgelegd. Toen bleek dat met deze omvang werktuigen niet goed opgeborgen konden worden is de maatregel teruggedraaid. Er waren toen al 137 schuren van dit subtype opgeleverd.
Vanaf 1964 bouwde men schuren van het type PH, PK en PL met 15 procent meer ruimte. PH was voor gemende bedrijven en had een aangebouwde vleugel voor 33 stuks vee. PN kreeg daarnaast nog een aardappelopslagplaats. Dit laatste type is bijvoorbeeld te vinden aan de Colijnweg en de Wisentweg in Dronten, de Bremerbergweg in Biddinghuizen en de Beverweg in Swifterbant. De allereerste schokbetonschuur PA of PB, gebouwd in Luttelgeest in april 1949, is helaas afgebroken. In Luttelgeest is wel een schokbetonschuur met traditioneel gebouwde pachterswoning aangewezen als rijksmonument. In Oostelijk Flevoland zijn naar veilige schatting minimaal 300 schokbetonschuren vervaardigd.
Huidige ontwikkelingen
Tegenwoordig wordt niet ieder boerenbedrijf nog als zodanig gebruikt. Schokbetonschuren worden herbestemd tot woningen maar ook tot bijvoorbeeld een vergaderlocatie, horecagelegenheid of brouwerij. In een latere aflevering van deze serie hopen we een aantal van deze bedrijven te bespreken, als voorbeelden van Dronter innovatie. Soms zijn er conflicten bij het vrijgeven van vergunningen voor aanpassingen of bij renovaties. Zo vond Erfgoedvereniging Heemschut het bezwaarlijk dat het Rijksvastgoedbedrijf in 2024 bij de grootschalige renovatie van 140 schokbetonschuren golfplaten toepaste in plaats van de kenmerkende rode dakpannen.
Het Nieuwe Bouwen beeldbepalend voor Dronten
Met het schokbeton is in de naoorlogse tijd van schaarste zeer verdienstelijk gebouwd en de typische ribstructuur van de betonelementen is in gebouwen wereldwijd terug te zien. In Nederland, ook in Flevoland, zijn ten tijde van de Koude Oorlog ook nog luchtwachttorens gebouwd met het materiaal, om vanaf die hoogte vijandelijke vliegtuigen te kunnen signaleren.
Omdat Dronten in zijn totaliteit niet eerder gepland en opgebouwd is dan in de jaren zestig, is het materiaal- en vormgebruik van die periode beeldbepalend. Het ‘Nieuwe Bouwen’, waarin functionaliteit centraal stond en ornamenten werden weggelaten, heeft de ontwerpen van schokbetonschuren (en pachterswoningen) beïnvloed. Denk aan oog voor rangschikking, grote, symmetrische puien en een flauwe dakhelling, met een hoek van 40 graden of minder. Deze dakhelling week af van die van platte daken of puntdaken van jaren '30-woningen. Men paste de flauwe helling toe om loze ruimte en overbodige stookkosten te voorkomen.
Veel woningen in Oud-Dronten en Dronten-Zuid uit de jaren ’60 tot ‘80 van de vorige eeuw zijn net als de schokbetonschuren in seriebouw vervaardigd. Verschillende rijtjes- en twee-onder-één-kapwoningen hebben ook zo’n flauw dak, met anno nu als voordeel dat de zonnepanelen erop veel licht opvangen. Voor de huidige nieuwbouw in Dronten, in de wijk Zuiderweide en de toekomstige wijk Op ‘t Erf, wordt opnieuw gekozen voor ontwerpen met de betonelementen en de flauwe dakhelling van onze schokbetonschuren. Op deze wijze behoudt de kenmerkende bouwstijl haar continuïteit.
Vaste waarde
De schokbetonschuur op zichzelf voldoet niet altijd meer aan de behoefte van moderne boerenbedrijven en wordt bijvoorbeeld als bijschuur gebruikt voor kleine gereedschappen of zakken zaad. Maar de schokbetonschuur en zijn beeltenis vormen wel een vaste waarde voor het aangezicht van de Dronter gemeente met het grote deel aan boerenlandschap.
De functionele vorm, het bouwmateriaal en het rasterpatroon van de schuur herinneren ons aan de ontstaansperiode van Flevoland en vormen een eenheid met de strakke lijnen van de polder.
Meer foto's zijn te zien op onze social media kanalen: Instagram en Facebook
Foto's: Joop Warrink
Historische foto's: Het Flevolands Archief, collectie 0230 - Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders en rechtsvoorgangers, foto's en glasnegatieven
Bronnen:
Schokbeton- of montageschuren, Flevoland Erfgoed, www.flevolanderfgoed.nl
Chris Kolman en Ronald Stenvert. 2006. Monumenten in Nederland. Flevoland. Rijksdienst voor de Monumentenzorg, Zeist/ Waanders Uitgevers, Zwolle.
Bé Lamberts. 2003. Boerenbedrijvigheid, voortgang en behoud. Jaarboek Monumentenzorg.
Bé Lamberts. 2007. Categoriaal onderzoek wederopbouw 1940 – 1965: Boerderijen, in opdracht van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
W.J. van der Most & H. Pruntel. 2005. Boerderijen in beeld. Cultuur Historisch Jaarboek voor Flevoland 15.





085-0298980