DRONTEN Van de 61 mensen die woonden in de huisvesting voor arbeidsmigranten aan de Roodbeenweg is er voor in ieder geval 11 mensen goede andere huisvesting gevonden. Van de andere 50 weet de gemeente dat niet, maar gaat men er wel vanuit dat de verhuurder zich aan de afspraken heeft gehouden en ook hen fatsoenlijk elders heeft ondergebracht.
Dat meldde wethouder Peter van Bergen de gemeenteraad donderdag, in antwoord op vragen van GroenLinks/PvdA. Aan de Roodbeenweg woonden tot voor kort 61 arbeidsmigranten, tot de Raad van State daar in februari een streep doorzette. De huisvesting was vergund door de gemeente, maar het hoogste rechtsorgaan van Nederland trok die vergunning in.
Probleem was dat de huisvesting te dicht bij de spuitzones van omliggende landbouwbedrijven stond. Daar moet minimaal 50 meter afstand tussen zijn, en dat was hier niet zo. Dat belemmert de omliggende bedrijven in hun bedrijfsvoering en kan ook een gevaar opleveren voor de bewoners van de huisvesting. De Raad van State oordeelde daarom dat de vergunning werd ingetrokken en dat de huisvesting per 27 mei onbewoond moest zijn.
“Het is de verantwoordelijkheid van de ondernemer om dan te zorgen voor andere huisvesting. Daar zijn afspraken over gemaakt en we gaan er vanuit dat hij zich daar ook aan heeft gehouden,” zei wethouder Peter van Bergen donderdag op vragen van Hans Hofmeijer-Boon (GroenLinks/PvdA).
Dat de gemeente dat niet met honderd procent zekerheid kan zeggen, is omdat er van de 61 mensen die er woonden er 11 weer in Dronten terecht zijn gekomen. “Op de mensen die nu buiten Dronten wonen, hebben wij geen zicht. Maar van de 11 wonen er 5 een reguliere en legale woonsituatie gevonden, en zijn er 6 elders ondergebracht in eveneens een legale en veilige huisvesting.”